Ronde van Bemmel

Sinds zomer 2011 laten alle KNWU districten (behalve Zuid Holland) weer renners van vrije bonden toe, buiten het district waar de bond gevestigd is. Dit betekent dat ik nu overal in Nederland wedstrijden kan rijden met een BWF Amateur A licentie. Bij de inschrijving hoefde ik bij de KNWU juryvrachtwagen alleen een chip te huren voor 10 euro, kan em natuurlijk ook gewoon aanschaffen voor 90 euro. Anyway, op de rol in het laatste zomerweekend staan 63 rondjes (75 km) van 1,2 km om kasteel Kinkelenburg i.p.v. om de meer gebruikelijke kerk.

Vooraan opstellen had geen zin, de renners werden opgeroepen aan de hand van het laatste cijfer van hun rugnummer. Met nummer 14 betekende dit achteraan starten. Wel eerlijk, maar een hoop inhaalwerk voor de boeg. B. stond met zijn camera in de aanslag. Zorgen dat ik niet buiten de speedburst zou blijven vallen. In het parcours zat maar 1 scherpe bocht, 2 flauwe en 2 lopende maar krappe afslagen. Volgens watvoorrondje.nl bestond 30% uit klinkers en 70% uit asfalt.

Het naar voren dringen ging in het begin lastig, later beter. Had de kop van het peloton in zicht. Wat ik ook zag dat 3 man (het latere podium) zich hadden losgemaakt. Er achteraan met 50+ km/u dus. Kwam helaas tussen het peloton en de beslissende ontsnapping te zitten (met veel tegenwind). Het vooruitzicht om mezelf als 4e wiel aan de kopgroep toe te voegen, zonder bijdrage, sprak me niet aan. Ik fietste ook met 1 tegen 3 man, tja, gevalletje geklopt op waarde. Tactisch had ik i.g.g. het gevaar gezien en gereageerd. Wel later nog netjes mijn aandeel in de achtervolging toegevoegd. Kopgroep bleef 40 seconden voorsprong houden.

Het deelnemersveld bestond uit pakweg 65 coureurs uit het nationale amateurpeloton. Premiesprints werden verreden voor de eerste 4 doorkomers. De tweede premiesprint kon ik het gat dichten op 3 vooruitgeschoven renners. In 2e positie wachten, wachten, nog meer wachten, bolletje erbij, op 50 meter op 55×11 uit het wiel gekomen en de laatste premie opgepeuzeld. Voorin meedraaien heeft zijn voordelen, zeker ook omdat je na de bochten minder extreem hoeft te versnellen. Kon redelijk mee in dit sterke deelnemersveld. Werd niet gesneden. Wat er aan zat te komen, kwam.

Hoosbuien en niet zo’n beetje. Ik zag ervaren renners direct uitzakken en heb hun voorbeeld gevolgd. Ik gok dat uiteindelijk eenderde van het deelnemersveld niet gefinished is. Een van mijn doelen voor 2011 is “het uitrijden van ook de zwaardere wedstrijden”. Uitzakken? ja, afstappen? nee. Naar de staart van het peloton verhuisd en 3 meter ruimte met mijn voorganger aangehouden. En niet dubbel de bocht door. Een keer over een put gereden, glibber. Dan maar “Rekstok Robbie”. Mijn bril op het mooiste gazon van Bemmel gegooid, deze lag na de koers samen met mijn bidon keurig klaar op een stapsteen. Thanks.

Op een gegeven moment zat er modder in een oog en ik had het koud: bibberen en glibberen. Zorgen dat ik niet op de wegmarkeringen uit het zadel kwam, deze zijn glad, B. moedigde mij aan vanaf de kant. Op 10 ronden voor het eind een bidon met powerranja leeggedronken. Bel voor de laatste ronde…valpartij…6 man in de hekken…er langs en aanzetten…kon nog aansluiten. Op het aflopende stuk naar de finish nog diverse renners gepasseerd en als 25e van de 65 renners uitgekomen (30 man afgestapt!). Mijn hoogste sprintsnelheid ooit: 64,7 km/u, gemiddeld: 41,4 km/u. Tevreden, naar mijn huidige mogelijkheden gereden.