10 Van Cuijk 2011

Wederom uitstekend weer vandaag. Na Gelderland en Limburg is nu de provincie Noord-Brabant aan de beurt om belopen te worden. Geen beschutte geaccidenteerde bosgrond, maar vlak recht polderasfalt langs de Maas. Vooraan op de lange baan, rekening houdend met de sterke rivierwind. Op de fiets naar Mook – Molenhoek en in 5 minuten met de trein naar de 10 Van Cuijk aan de Maas.

Het rug buiknummer had ik eerder deze week samen met mijn groene koopchip netjes per post ontvangen. Geen gedoe met inschrijven en mijn tas kon ik gratis laten bewaken. Het garderobenummer kon ik letterlijk op mijn buik(nummer) schrijven, handy, de dames hadden vaker met dit bijltje gehakt. Chip instrikken en op naar de start aan de winderige Maasboulevard. Ik was van plan om redelijk vooraan te starten.

Pang, het startsein, met de wind in de rug op een lint een heel eind over de kade en later de dijk. Vorige week liep ik lekkerder, ik had steken in mijn zij, last van de zon (geen zonnebril) en het vrijwel direct loeiheet. Ok, niet in paniek raken nu, maar je eigen tempo zoeken. Kijken of je lopers ziet die je kent van gezicht. Als je ze herkent, dan zullen ze ongeveer even hard gaan als jij.

Ik besloot aan te pikken bij een lange rouleur die ik vorige week voor kon blijven. Mhm, lukte niet, zo blies ik mijzelf op. O ja, vorige week was een zwaar crossparcours met veel hoogtemeters. In de polder presteert een hazewindtype natuurlijk veel beter dan ik. Eigen tempo zoeken en wachten op het stuk tegenwind. Eindelijk een bocht, even windluw en direct erna pal tegen. Zorgen dat je niet alleen komt te zitten!

Voor mij zag ik een triatlonloper gestaag zijn passen maken. Tegelijkertijd werd ik ingehaald door een toploopster op jacht. Honderd meter verderop zag ik 2 andere toploopsters verder uitlopen achter comfortabel grote mannenruggen. Ai, die zat slecht hier met 2 kilometer wind tegen, een gapend gat en een wielrenner zonder fiets. Op kop dan maar en haar in ieder geval afzetten bij de triatleet, die is tenminste 33% hardloper.

Bij wisseling van de tweede naar de derde positie, sprak de toploopster bijna vermanend: “niet afzakken, bijblijven”. “Ja, ik blijf bij, kalm aan”, antwoorde ik, “achter hem zit je beter uit de wind, hij is groter”. Daar liep ik dan als semi-faalhaas op mijn limiet. Met de triatleet als locomotief raapten we geloste lopers op uit de krimpende groep voor ons. Ik zag een stijgend stuk weg en vroeg: “gaan we daar op?”. Ze dacht van wel. “Dan gaat het gat daar dicht”, kondigde ik aan.

Hup versnelling, klimmen is een kans om snel meters goed te maken. Mhm, iets te enthousiast…. even inhouden…. doorlopen…. en mooi aangesloten. De topdame liep vrijwel direct door naar voren, om de andere 2 te laten zien dat ze bijgehaald waren. Vrij snel daarna plaatste ze ook nog een aanval, niet de eerste de beste dus. Ik vond het wel prima, de koek was op. Zorgen dat je de finish haalt. Nog een stuk zwalkend door het centrum en weer de Maasboulevard op.

Bij het opdraaien van de finishstraat zette ik het toch op een sprinten. De loper voor mij, andere categorie, plaatste een wederversnelling. Ik riep: “kom op, het is goed zo, onder de 20!” PR: 0:19:47 op de 5 kilometer. Mijn voormalig snelste tijd was 0:20:13, bij de Zwitserloot Dakrun in 2009. Bijna een halve minuut sneller dus. Maar vooral: bijna 3 minuten sneller dan 14 dagen eerder! 14e plaats bij de mannen 14 t/m 34 jaar (44 starters). In de overall uitslag 28e van 155 deelnemers. Zeer tevreden.

Ander goed nieuws. Felicitaties voor trainingsmakker Bram, de man achter de schermen, voor het behalen van zijn 100e activity (training) dit jaar. Deze week driemaal een gezamenlijke training: zwemmen (2x) en wielrennen (1x). Keep it up!