BWF Kampioenschap Hoeven

Waar vorig jaar het BWF kampioenschap betwist werd op de kilometer van de Blauwe Kei, is het strijdperk nu de 4100 meter lange driehoekige ronde van Hoeven. Van stadscriterium naar polderomloop, jawel, polderbeulen is noodzakelijk vandaag. Hoewel het Rijk van Nijmegen gezegend is met de prachtige Ooijpolder, fiets ik daar eigenlijk nauwelijks. De reden laat zich raden. Om toch enigszins beslagen ten ijs de komen, heb ik daarom deze week viermaal een LoperKoning training ingelast. Zoals Prins Interval bijdraagt aan het ‘draaien en keren’ bij criteriums, zo kan de LoperKoning route met haar lange hellingen helpen bij het overleven van lange stukken ‘op de kant’. Althans dat is de theorie.

Na het inschrijven bij een cafe op een tweesprong langs het parcours, ging ik inrijden op een ander stuk weg. Terwijl ik dacht dat ik nog twintig minuten voor de start had, stond er een renner/toeschouwer hevig met zijn armen te zwaaien. “Kom op, opstellen, de starttijd is vervroegd!”. Ok, bedankt! Tijdens het opfietsen naar die start merkte ik dat mijn ketting niet op het grote blad wilde. Geen tijd gehad om te testen en bij te stellen. Tja, daar sta je dan. Heb je de hele week in de heuvels getraind op het rond krijgen van een polderverzet, om uiteindelijk in de polder te malen op een heuvelverzet. Dat is de praktijk.

Toch maar gestart en benieuwd hoe lang ik een hoog beentempo kon houden. Ik miste meer dan 20 % van mijn maximale verzet, dus op kop was geen optie. Gelukkig viel af en toe de snelheid weg, terwijl renners moesten lossen op het stuk wind tegen, waar de kleine plaat geen beperkende factor was. Zo kon ik de gaten stoppen en aansluiting houden bij het flink uitdunnende peloton. Dat 55 km/u met wind mee op een ’42’ mogelijk was, wist ik niet, nu wel. Mijn nieuwe compact stuur lag goed in de hand, mijn nieuwe bril keek goed en de zon scheen lekker. Ronde na ronde verdween van het bord. Voelde me wel als een antieke Mini Cooper op de snelweg.

In de finale kon ik, terwijl ik mijn shifter indrukte, op 55×11 naar voren rijden, maar om te remmen moest ik deze loslaten en de ketting weer naar het kleine blad (42) laten gaan. Op het stuk wind tegen kreeg ik het gat met twee achtervolgers grotendeels dicht, maar bij het bijhalen op het stuk tegen verviel de vaart, waardoor het peloton aan kon sluiten. In de laatste ronde was er helaas een valpartij van de winnaar van het regelmatigheids klassement van de BWF Amateurs in 2011. Gelukkig kon hij op eigen kracht opstaan, maar zijn helm kan de prullenbak in. Tijd voor mijn zomerreces. Gemiddelde snelheid 41,8 km/u en maximum snelheid 62,5 km/u. Van de meer dan 60 renners kon ik een 25e plaats bemachtigen. LoperKoning werkt.