Nedereindse Berg 6 oktober

Oppermist in de ochtend, maar goede vooruitzichten en windstil. Mijn keuze voor een ondershirt met lange mouwen en beenstukken blijkt achteraf prematuur. Twintig man A, B en C staan klaar voor de tweede wedstrijd van de doorlopende wintercompetitie over de Nedereindse Berg, op zaterdag georganiseerd door WV Het Stadion, terwijl UW&TC Volharding de zondag voor haar rekening neemt. In verband met het aanstaande cyclocrossen (kun je daar dus ook nog wekelijks doen), rijden we de nog een keer ‘bovenlangs’. Geen Nederlands kampioen bij de Masters, wel twee leden van de juniorenploeg in onlangs vergaard rood-wit-blauw op de ploegentijdrit. Geen wonder dat ik bij een alleenstaande demarrage al na een ronde op de hielen gezeten word. Bij een tweede uitlooppoging bergop zelfs nog sneller. Een peloton op slot en ik heb in ieder geval niet de sleutel.

De afgelopen week heb ik met drie keer ‘BEL-T Kommendaal’, twee keer ‘BEL-T Terugweg’ en eenmaal ‘BEL-T Tramweg’ in totaal 18 BEL aan trainingsbelasting verzameld. Als de sleutelbewaarders na de finishstraat hard doortrekken blijkt dit voldoende om het ontstane gat op hangen (55×11) en wurgen binnen de kilometer te slechten. Zo kom ik met vijf renners van de thuisclub in een soort ploegentijdrit terecht, waarin ik na verloop van tijd enkel nog kort kan overnemen en een keer zelfs in tweede positie uit het wiel gereden word. Verschil moet er wezen. We lopen snel uit op het peloton. Een van de sterkste renners moet door een ongelukkige schuiver helaas de wedstrijd voortijdig staken en een ander wacht. Uiteindelijk rijden we met drie renners de laatste ronde in, waarin de winnaar bergop zijn aanval plaatst. Het sprintduel om de tweede plek, dat ik van kop af aanga, weet ik nipt in mijn voordeel te beslissen.