Nedereindse Berg 16 mei

Dat is pech, zon weg. De wolken hangen na een prachtige week praktisch tot op de straat. Vooruit in de miezer naar de Nedereindse Berg, waar de wind een stuk minder sterk waait, dan vorige week zaterdag. Gelukkig heb ik standaard beenstukken, oversokken en een koerspetje voor onder de helm in de tas. Hoewel de IJsheiligen voorbij zijn, kan het nog steeds vriezen of dooien. De A’s en B’s rijden samen in een peloton van zo’n dertig renners. Omdat ik de laatste weken steeds de goede ontsnapping moest missen, besluit ik zelf het moment te kiezen. Na een tiental uitvallen, zie ik een renner heuvelop versnellen en pik aan. Deze keer draai ik wel mee en (te) langzaam lopen we uit op het peloton. Daarom weten (nog) zeven renners tot aan de finale toe, in schuifjes definitief de aansluiting te maken. Als het in de laatste ronde in de bovenste bocht alsnog proppen wordt in de sprint, vind ik het mooi geweest en eindig als zevende.