Trainingsrit Oss 1 maart

Hoewel deze winter niet koud, maar normaal is verlopen, heeft het veel geregend en ’s nachts ook een normaal aantal keren gevroren, zeker in het zuidoosten van het land. De wegen zijn natuurlijk niet gladder van ijs van -10, dan van -1 graden Celsius, dus in plaats van het rekenkundige gemiddelde hanteer ik het Stro(oi)mangetal. Hoe vaak is er kans op gladheid? Die kans viel relatief vaak in het weekend, zodat deze zondag de eerste in zeven weken is, waarop het met zekerheid niet glad is. Mijn laatste koers vond plaats op de kortste dag van het vorige jaar. Dit betekent in Oss direct meer dan twee uur koersen. Dat ben ik zowiezo niet van plan. Tussen de 50 en 70 kilometer, ofwel 70 tot 100 minuten vind ik meer dan genoeg. Snap verlenging in het voetbal dan ook nooit. Films van meer dan 90 minuten? Kwestie van meer keuzes maken bij de montage. De elites trainen hier echter voor koersen tot wel 160 kilometer.

In verband met de structurele opbouw van het Nachtslot en het fietsenpark heeft de training tijdens deze periode op een laag pitje gestaan. Daarom heb ik met mezelf afgesproken dat ik maximaal anderhalf uur mee mag doen vandaag. Omdat de Vorstengrafdonk gesitueerd is op de noordkaap van de Peel, staat er doorgaans een stevige wind. Mijn verwachting is dat niet zozeer mijn benen, maar mijn rompspieren de inspanning zullen limiteren. Dit is ook het geval. Ik weet dat je in de winter ‘core stability’ training moet doen thuis op een matje, klopt. De twee sterkste renners beslissen in de eerste tien minuten de koers. Dat gaat wel heel makkelijk, dus bevind ik mij alsnog vooraan in het peloton. Als ik achter me kijk, zie ik een renner van het grootste netwerk systematisch passen met een blik van “de computer zegt nee”. Ctrl + ESC.

Als later de inmiddels viermans kopgroep ver uit het zicht is, gaat meedrijven vrij eenvoudig. Het lastigste stuk betreft de derde parcourszijde, te meer omdat iemand daar blijkbaar een onzichtbare pannenkoekenfabriek is begonnen. Tijdens draaien op de kant is dergelijke prikkeling van je maag niet prettig. Na een aantal onderdrukte uitbraakpogingen vind ik het mooi geweest en posteer me achteraan de stapel. Er wordt trouwens zeer netjes gereden, zodat het lekker inkomen is. Als de snelheid richting de finale weer omhoog gaat, stap ik na de met mijzelf afgesproken anderhalf uur af, lever mijn rugnummer in en fiets door het voorjaarszonnetje naar station Oss. Het mooi begin van een nieuw seizoen. Hoog tijd om de Nachtslot trainingen weer te intensiveren.

BEELDEN

Beelden gemaakt door Wielerpunt.com

Advertenties

Trainingsrit Oss 9 maart

Voor de twee uur durende slotrit van de uitstekend bezochte achtdelige voorjaarscompetitie op de Vorstengrafdonk in Oss, is het alweer bijna nodig bidonhouders te monteren. Een dubbel aantal graden op negen maart! Niet gedaan, maar mijn armstukken gaan wel na een kwartier definitief omlaag. Door mijn frequente deelname en vier top-tien klasseringen, ben ik op een lastig te verdedigen derde plaats in het klassement beland. De nummer zeven staat slechts drie punten achter mij, terwijl de nummer twee een voorsprong heeft van vijf punten. Alleen de kat uit de boom kijken lijkt me niet verstandig. Op goed geluk een kopgroep forceren evenmin. Wat dan wel? Laat ik eens attent rijden en meezitten waar mogelijk.

Zonder elites, junioren en nieuwelingen, die al ‘echte’ wedstrijden hebben, zoals bijvoorbeeld vandaag in Schijndel, is het verschil in niveau veel kleiner. Een langgerekt peloton loopt een aanval waar ik bijzit in. In een ingeving ga ik nogmaals op de pedalen staan. Nu begrijp ik eindelijk dat een peloton de grootste kans heeft definitief te breken, als eerst een sortering heeft plaatsgevonden. Meestal zit ik namelijk in het tweede gedeelte. Nu met twintig man vooruit, die er allemaal belang bij hebben om de ontstane voorsprong uit te bouwen. Met de wind opzij is het behoorlijk aanpoten op het kantje. Voor kopwerk heb ik te veel aan mijn hoofd.

Gaandeweg de koers zie ik steeds meer gelletjes en powerdrankjes langs vliegen. Is dit soms het nieuwe drinkontbijtje voor mannen? Opletten! Een kopgroep van vier heeft zich los gemaakt en zes renners zijn er afgewaaid. Een tegenstrever uit het klassement, wiens wiel ik monitor, gaat alleen op pad en ik kan niet volgen. Als een plaat in de Waddenzee komt hij er tussen te rijden. Met enig geluk sluit ik aan bij twee springende renners en met drie dichten we kop over kop de kloof. Door als derde van deze groep te finishen kan ik de onderste podiumtrap van het klassement veilig stellen. BKM training werkt, maar hoe precies is de vraag.

Trainingsrit Oss 2 maart

Veel raakvlakken met carnaval heb ik niet, behalve dan misschien de elf. Weer een mooie zonnige voorjaarsdag in Oss met een niet tegenvallend deelnemersveld van ongeveer zestig coureurs. De zuidenwind dwars op de lange finishstraat blaast wederom een toontje mee. Met voornamelijk amateurs aan de start verwacht ik een twee uur durende koers van regelmatig hollen en stilstaan en waarom ook niet. De arme eerste aanvallers worden genadeloos terug gereden door een enkel stel benen van de rijke. Het resultaat is een lange scheurende staart. Das pech, peloton weg. Optocht gemist en het spel op de wagen.

Hoewel ik mij al neergelegd heb bij een verblijf in de huisvaderwaaier, zie ik niet alleen dat de groep voor ons eigenlijk helemaal niet hard wegrijdt en regelmatig opbolt. Daarom probeer ik solo de oversteek te maken, wat uiteraard niet lukt, maar blijkbaar wel leidt tot een snelheidsverhoging. Na een kwartier kunnen we zowaar weer aansluiten en valt het tempo ook nog eens weg. Das mazzel. Omdat ik er niet in slaag vooraan te komen, beland ik voor de tweede keer in dezelfde situatie, wanneer de snelheid weer omhoog gaat. Gaat lekker zo. Slim is anders, want achteraan op het kantje verbruik je veel meer energie.

Op het lange stuk wind mee verhoog ik staand de snelheid en wacht net zo lang totdat ik tussen mijn benen door een aanpikkend voorwiel ontwaar. Deze keer maken we in ieder geval een stuk sneller de aansluiting, kwestie van staan & gaan. Met nog vijf ronden koers rijden een kopgroep van vier en een achtervolgend trio vooruit. Uit een stilvallend peloton neemt een renner de benen en ik glip mee. Na een tweetal ronden sluit een vijftal aan en weet het vooruitgeschoven trio ook te verschalken. In de sprint met tien man voor de vijfde plaats eindig ik als zesde op plek tien.

Trainingsrit Oss 23 februari

De laatste winterweek is aangevangen. Vanaf een maart start immers de meteorologische lente. Voor de renners en de organisatie pakt deze serie voorjaarsritten een stuk beter uit, dan die van vorig jaar, toen nauwelijks de helft doorgang kon vinden. Het weer in Nederland is nu eenmaal altijd anders. Door consequent in de laatste decade van januari de eerste rit te programmeren, nemen de organisatoren een risico, maar hebben dit jaar het gelijk aan hun zijde, zes uit zes tot nu toe.

In twee weken begint het seizoen voor de elite categorie en voor deze renners is het stilaan tijd om hun selectie af te dwingen. Met twee complete ploegen van het hoogste nationale niveau in koers, met wind van opzij, kan het niet anders dan dat het honderdkoppige peloton compleet in stukken breekt. Ik ben in ieder geval niet van plan tegen elke prijs het wiel te houden van op hol geslagen oefenprofs. Het seizoen voor de gesloten categorie amateurs begint immers pas in april. De wedstrijden zijn kort en de verschillen tussen renners klein.

Al snel beginnen gaten te vallen, die overigens nog wel te overbruggen zijn voor een amateur. Wat lastig is dat de snelheid continu hoog blijft. Een grote groep is er al afgewaaid voordat ik in een tweede plaats neem, die langzaam groeit met geloste renners uit de voorste groep. Nu zo lang mogelijk uit de greep blijven van de frontlinie. Aanvankelijk kom ik niet op kop, maar krijg op mijn falie van een junior, die dolgraag een groep verder naar voren had gereden. Begrijpelijk. Nadat we onvermijdelijk gedubbeld zijn, pik ik aan tot de laatste ronden van een aantrekkelijke koers van meer dan twee uur.

BEELDEN

Trainingsrit Oss 16 februari

Bijna voorjaar, ook in Oss. Dunne handschoenen, zonnestralen en droge bochten in de vijfde voorjaarswedstrijd op de Vorstengrafdonk. Ongeveer veertig coureurs staan aan de startlijn voor een wedstrijd over zeventig kilometer. De wind staat pal tegen in de finishstraat, die het wegrijden daar zeer lastig maakt. Op het tegenover gelegen lange stuk is de snelheid door dezelfde wind in de rug te hoog. Na het ontsnappen vanaf de start en latere korte escapades, kom ik tot de conclusie dat het tot de finale waarschijnlijk een gesloten koers zal blijven.

Na vijf kwartier in de frontlinie beland ik tamelijk achteraan het peloton. Een wedstrijd rijden zonder eten en drinken is niet altijd een goed idee. Door extern bij te voeren krijgt je lichaam snel nieuwe energie en heb je minder last van dode momenten. Als de koers ontploft tijdens een mobilisatiemoment vanuit eigen voorraden kun je zomaar gelost worden. De snelheid valt echter niet alleen bij mij weg, dus na tien minuten kan ik mij weer vooraan melden met hernieuwde krachten.

Een aantal renners slaagt er in om enkele ronden alleen vooruit te blijven, maar uiteindelijk vallen ze allemaal terug. In de finale krijgt een groep van ongeveer tien renners honderd meter speling. Ik ben wel mee, maar besluit mijn krachten te sparen voor de eindsprint, die met de wind op kop zal gaan gebeuren. Gelukkig blijft de snelheid hoog, zodat ik voor in het peloton de laatste ronde kan aanvangen en als eerste de laatste bocht door zeil. In een door anderen aangetrokken sprint weet ik door een goede positionering en een kleine jump de vierde plaats te bemachtigen.

BEELDEN

Trainingsrit Oss 9 februari

De vierde voorjaarswedstrijd in Oss brengt een loeiharde wind schuin van voren, over de lange brede finishstraat. Koud is het niet, maar het miezert zo nu en dan, zodat de bochten nat liggen met gladde putdeksels in het midden. Tijdens het inschrijven zwiept de voortent van de inschrijfcaravan vervaarlijk heen en weer. Dit belooft wat, ik train namelijk nooit onder dit soort omstandigheden. Op de Nijmeegse stuwwal staan bomen en in de polder kom ik nooit, ik fiets er alleen af en toe wedstrijden.

Het aantal inschrijvers ligt met achter in de dertig dan ook beduidend lager. Al in de eerste ronde kiest een eenzame renner het hazenpad, dwars tegen de snoeiharde wind in, een wind die je al na tweehonderd meter op kop, met de staart tussen de benen laat. Eer ik doorheb dat een plek in de waaier toch wel essentieel is en hoe je ook al weer tegen de wind in moet fietsen, zijn acht gewiekste renners vertrokken. Verkennen blijft een goed idee, maar het zou voor mij weinig verschil gemaakt hebben.

Achter de tweede waaier waar ik inzit, blijkt zich een derde gevormd te hebben, welke wij dubbelen. Naar mate de wedstrijd vordert kom ik steeds vaker op kop en merk dat op de finishstraat zeer snel wordt overgenomen. Meedraaien kost ook nog eens minder moeite, dan op het kantje. De kopgroep van acht loopt gestaag tot maximaal een halve ronde uit. Twee plekken over in de top tien. Met nog drie ronden te gaan krijg ik drie renners mee als ik tegen de wind in versnel, waarvan ik er twee alsnog weet te verrassen door de sprint vroeg aan te gaan.

Trainingsrit Oss 2 februari

De zonnestralen door de bomen zijn weer eens wat anders dan die obligate maan. Een semi voorjaarsdag op de Vorstengrafdonk in Oss. De derde trainingskoers van het jaar trekt een groot startveld van bijna negentig renners, waarbij de meeste renners de A categorie bevolken. De bochten liggen nog wel nat, maar wat wil je anders, als het niet vriest, in de inmiddels laatste wintermaand februari. Ik start voorin, voldoende om direct bij de eerste snelle uitlooppoging aan te haken. Deze houdt naar verwachting geen stand. Een tweede aanzet van dezelfde renner tien minuten later beslist de koers. Het peloton schiet alle kanten uit. Ik slaag er niet in de slalom tussen stilstaande renners te maken. Zou dit het vandaag veelvuldig gebezigde woord afstoppen zijn?

Het peloton van nog maar twintig renners renners loopt snel uit op de club afstoppers en afstappers. Zouden we gedubbeld gaan worden? Ik besluit om in ieder geval een poging te maken om over te steken, alhoewel dit met de aanwezige wind vooral erg lastig is. Uit mijn wiel neemt de driekleur bij de amateurs het stokje over en trapt een heel eind de goede richting uit, maar zelfs hij weet het gat niet te dichten. Koers gedaan binnen een kwartier. Later probeert hij het nog eens, tevergeefs. Wanneer er toch gang komt in de achtervolging stokt de voorsprong van het peloton op een halve ronde. Tijdens de finale voor plek vijftien steek ik over naar twee uitlopers krijg een renner mee, zodat we gevieren honderd meter vooruit komen te rijden. Echt veel bijdragen lukt me niet, maar ik kan wel in de laatste ronde de afstand consolideren. Achttiende plaats.

BEELDEN