Nedereindse Berg 20 oktober

Maandag en dinsdag betekenen kou, regen, bladeren en wind. Toch benut ik beide dagen met op maandag een Kommendaal training, terwijl dinsdag de eerste vier hellingen door de binnenstad als circuit dienen. Vanaf woensdag is het weerbeeld sterk verbeterd, zodat ik Tramweg zowaar droog kan afleggen. Donderdag doe ik nogmaals Kommendaal en vrijdag de kortere route Terugweg. Deze vijf trainingen zijn goed voor 18 BEL, het weektotaal waarvan ik steeds meer aanwijzingen krijg dat het zorgt voor de relatief grootste toename van wedstrijdresultaat, een optimum? Het verklaart in ieder geval meer dan dertig procent van de variantie.

Aan de voet van de Nedereindse Berg in Nieuwegein staat een winterpeloton van pakweg twintig coureurs bij het paviljoen opgesteld voor een koers van zeventig minuten, welke rustig aanvangt. Op het rechte stuk naar de finish staat de wind stiekem stevig tegen, merk ik als ik alleen op pad ga. Een latere uitloop krijgt twee aansluiters en groeit aan tot negen renners. Na veel hollen en stilstaan en met zijn achten tweemaal rondenlang achter een enkele renner aan te razen, vangen we met vier man de laatste ronde aan. Vanuit derde positie verras ik mijn kopgroepgenoten door al voor de bocht wijd buitenom aan te gaan op 55×11. Voor de tweede maal eerste dit jaar. Pedaleren is een feest en als je niet participeert, kun je ook niet winnen.

Advertenties

Nedereindse Berg 6 oktober

Oppermist in de ochtend, maar goede vooruitzichten en windstil. Mijn keuze voor een ondershirt met lange mouwen en beenstukken blijkt achteraf prematuur. Twintig man A, B en C staan klaar voor de tweede wedstrijd van de doorlopende wintercompetitie over de Nedereindse Berg, op zaterdag georganiseerd door WV Het Stadion, terwijl UW&TC Volharding de zondag voor haar rekening neemt. In verband met het aanstaande cyclocrossen (kun je daar dus ook nog wekelijks doen), rijden we de nog een keer ‘bovenlangs’. Geen Nederlands kampioen bij de Masters, wel twee leden van de juniorenploeg in onlangs vergaard rood-wit-blauw op de ploegentijdrit. Geen wonder dat ik bij een alleenstaande demarrage al na een ronde op de hielen gezeten word. Bij een tweede uitlooppoging bergop zelfs nog sneller. Een peloton op slot en ik heb in ieder geval niet de sleutel.

De afgelopen week heb ik met drie keer ‘BEL-T Kommendaal’, twee keer ‘BEL-T Terugweg’ en eenmaal ‘BEL-T Tramweg’ in totaal 18 BEL aan trainingsbelasting verzameld. Als de sleutelbewaarders na de finishstraat hard doortrekken blijkt dit voldoende om het ontstane gat op hangen (55×11) en wurgen binnen de kilometer te slechten. Zo kom ik met vijf renners van de thuisclub in een soort ploegentijdrit terecht, waarin ik na verloop van tijd enkel nog kort kan overnemen en een keer zelfs in tweede positie uit het wiel gereden word. Verschil moet er wezen. We lopen snel uit op het peloton. Een van de sterkste renners moet door een ongelukkige schuiver helaas de wedstrijd voortijdig staken en een ander wacht. Uiteindelijk rijden we met drie renners de laatste ronde in, waarin de winnaar bergop zijn aanval plaatst. Het sprintduel om de tweede plek, dat ik van kop af aanga, weet ik nipt in mijn voordeel te beslissen.

Nedereindse Berg 29 september

Na het afbreken van mijn bidonhouder in de Ronde van Heusdenhout, heb ik mij toch eens afgevraagd of die apparaten wel opleveren wat ze kosten. Twee lichtgewicht stuks plus vier bidons zijn in twee jaar goed voor vijftig euro. Je gaat er echter geen millimeter harder van, dus ze horen wat mij betreft helemaal niet thuis op een wedstrijdfiets. Weg met die rijdende minibar. Scheelt gewicht en luchtweerstand. Eten en drinken tijdens het sporten vind ik sowieso een bijzondere combinatie. Wegspoelen van taurinerepen is bij mij niet aan de orde. Hoe zit het eigenlijk met computeren vanachter het stuur? Voer voor de schroevendraaier. Als je tijd hebt om erop te kijken ga je niet hard genoeg. Jammer voor de accessoiremarge. Downshift.

De trainingsbelasting deze week bedraagt 21 BEL, bestaande uit viermaal Kommendaal en eenmaal Tramweg. De samenhang met wedstrijdresultaten is overigens nog tamelijk duister, maar feit is dat ik met tien procent minder trainingstijd vijftien procent hogere wedstrijdcijfers genereer. Tijd om op zoek te gaan naar de tussenliggende variabele. Een andere mogelijkheid is te kijken naar een betere operationalisering. Mag de sponsor lekker zelf uitzoeken. Met een oostenwind onderlangs staan twintig renners aan de start op het parcours van de Nedereindse Berg. We blijven beneden vandaag, dus geen beklimmingen van de Col du Hans Spekman in het verschiet, over nivelleren gesproken.

Met een iets naar beneden gekantelde stuurbocht en nieuwe polyamide / latex ‘dual compound’ handschoenen voor het hanteren van steigerpijpen ga ik al vroeg aan de haal. Omdat het vrij lang duurt voordat een renner oversteekt, rijd ik rondenlang alleen in de aanval. Later komt nog een derde man aansluiten. Van het sterkste blok is er echter geen present, dus de kans dat we definitief wegkomen blijft klein. Op het rechte stuk langs de Nedereindse Plas staat de wind fors tegen. Toch duurt het relatief lang voor we zijn achterhaald, waarna het stilvalt en ik wederom alleen ontsnap. Slim is anders, want later bij de beslissende uitval mis ik de complete boot en zijn vijf man op pad.

Ik besluit druk te houden op de koplopers, wetende dat de Nederlands kampioen bij de Masters de gewoonte heeft niet alleen het peloton, maar ook zijn eigen kopgroep aan barrels te rijden. Op driekwart van de koers zijn er reeds twee afgevlogen. Rijden voor de vierde plaats dus in plaats van de zesde. Ook in de achtervolging ga ik alleen op pad. Mijn sprintgeschiedenis dit jaar is niet om naar huis te schrijven en ik moet wat. Als ik wederom gegrepen ben, komt het toch op een spurt aan, tegen de wind in nog wel, waarin ik mijn achtervolgers van mij af weet te houden. Dat wel. Vierde.

Open Baankampioenschap Baarlo

Van de week een e-mail in de box met de aankondiging van het Open Baankampioenschap Baarlo as. zondag, georganiseerd door TWC Olympia. De Amateurs en Masters starten om 12.30 uur, maar er is ook een wedstrijd om 11.00 uur voor niet licentiehouders, die normaal op woensdag met exact? 38 km/u hun rondjes draaien op circuit De Berckt. Iets voor trainingsmaat Bram. Donderdag zijn fiets van nieuwe remblokken voorzien, de pedalen aangedraaid en het balhoofd gesteld. De gietende regen deze morgen gooit echter roet in het eten. Omdat de wedstrijdrenners later starten, als het hopelijk droog is, reis ik wel onder een miezerregen af naar Baarlo. De temperatuur bedraagt net geen 13 graden.

Aan de start staat een gemotiveerd kernpeloton van Amateurs en Masters, wel en niet leden. De koers wordt op gang geschoten voor een uur en 10 ronden, ongeveer 50 kilometer. De afgelopen zondag heb ik na de koers met volle wedstrijdbepakking nog een straftraining afgewerkt in de Nijmeegse heuvels. Dat ga ik vanavond dus niet doen. Na een drietal aanvallen kom ik met een oversteker voorop te rijden. Aanpoten, ik fungeer als startmotor, hij als motor. Wiel houden en vierkant mijn werk doen dan maar. Mijn nieuwe ketting loopt niet lekker en ik heb last van mijn linkervoet. Na diverse ronden op de ovale 800 meter lange voormalige speedway, arriveert een duo als versterking, terwijl een eerder aangesloten renner de rol lost.

Met het viertal draaien we prima rond, maar ook hier de aantekening dat de aanwezige Master de sterkste beurten voor zijn rekening neemt. Later spreken we af dat we elk een halve ronde kopwerk doen. Op 5 ronden voor het eind rijden we weer achterop bij de achtervolgende groep. Omdat zij in verschillende schuifjes af gaan sprinten, bestaat de finale uit rustig in het wiel zitten tot wij aan de beurt zijn. In onze finale ronde gebeurt tot de laatste bocht niets. Ik ben blijkbaar niet de enige bij wie de plotselinge temperatuurdaling, sinds de 30 graden van donderdag, zijn sporen heeft achter gelaten. Ik start de sprint in derde positie, kom nog wel naast de vice-winnaar, maar er niet overheen in een koers met een gemiddelde snelheid van 41,5 km/u.

090813 Open Kampioenschap Baarlo_1

Ronde van Oosterhout Gld.

Gelukkig minder warm dan de vorige editie toen met 32 graden en een fikse wind de Ronde van Oosterhout a/d Waal verreden werd. Geen klimmen, wel bij Nijmegen. Als ik samen met trainingsmaat Bram over de dijk onder de nieuwe Waalbrug van Nijmegen naar Oosterhout peddel, kom ik tot de conclusie dat de in mijn beleving immer aanwezige rivierwind een break heeft genomen. Moet kunnen, maar dit betekent wel dat het in de ronde opgenomen stuk over de waterkering niet tot een schifting zal leiden. Geen zorgen, er is altijd nog de zwaartekracht. Als die een pauze neemt, heb je hele andere zaken aan je bol dan het rijden van een wielercriterium, I guess. Zwaartekracht heb je 24/7 tegen en, als jouw discipline geen downhill heet, maar naar de naam wielrennen luistert, wil je die ook liever niet pal mee hebben.

Op het klimmetje tegen de hoge Waaldijk valt vandaag een bergprijs te verdienen voor de renner die het vaakst als eerste boven komt. Op de top heeft zelfs een heuse klimcommissaris plaats genomen in de persoon van een KNWU jurylid dat jarenlang de competitie op de wielerbaan van Lindenholt mogelijk heeft gemaakt. Aan de startlijn staan ongeveer 60 coureurs geduldig klaar voor 70 kilometer wedstrijd over het rechthoekige 1800 meter lange parcours, naar de dijk en van de dijk. Ik vind het met 23 graden en een wolkzon enigszins klam. Hoewel ik laat was met inschrijven is de organisatie zo vriendelijk geweest om mij zonder extra kosten als WFN bijschrijver op de KNWU startlijst te plaatsten. Dit betekent wel achteraan opstellen, maar dat had ik anders ook gedaan. Met het luiden van de bel wordt het peloton op gang geschoten.

In mijn herinnering is de tweede bocht na de finish met een inkomend paaltje het krapst, en dit blijkt nog steeds het geval. Vorig jaar stond ik hier op de stoep geparkeerd doordat aldoor wringende renners er ook nog een andere lijn op na hielden. Ronde aan de broek. Even voor de zekerheid checken of deze mogelijkheid om uit te wijken nog steeds bestaat en dit is zo. Al snel merk ik echter dat er heel anders, veel netter, gekoerst wordt. Goede zaak. Voor mij is dit een indicatie van het niveau van de wedstrijd en niet de inhoud van de premiepot voor ‘vrijwilligers op wielen’. Voor een partijtje kluitjeswielrennen kun je overal terecht op zondag. Door het relatief smalle parcours en het peloton constant op een lint is opschuiven niet evident. Het handhaven van positie is niet mijn sterkste kant, toch rijd ik niet achteraan.

Plaatsen goedmaken gaat het beste op de derde, lange parcourszijde buiten de bebouwde kom langs de maisvelden. Op het andere lange stuk, de beklinkerde finishstraat, is dat door de verkeersremmers en de dalende lijn lastiger. Zonder wind wegrijden met twee man ook, blijkt als een kopduo dat je normaal niet snel terug ziet tot aan de finish toch ingelopen wordt. Tussentijds ben ik vooraan beland en weet me in een van de premiesprints te plaatsen. Daarvoor ga ik even op pad met drie man, maar dat is geen lang leven beschoren. Zou de koers eindigen in een massasprint? Nee, een vijftal weet een aantal ronden voor het einde een paar honderd meter voorsprong te bemachtigen. Aanvankelijk goed geplaatst, rijd ik in de pelotonssprint van de dorpsronde van Oosterhout naar een 21e plaats bij Nijmegen.

Rund ums Tönnissen Center

Deelgenomen aan een snelle koers (46 km/u) met ongeveer 80 starters, waaronder veel bijschrijvers uit Nederland. Uitgereden en gefinished als 35e. Voor mij de 5e deelname aan de goed georganiseerde en drukbezochte Klever Radrennen, maar voor het eerst op het hoogste niveau. Daarna staat je gezicht dus zo. Hoewel? Op de heenweg vanuit Groesbeek heb ik aan de achterkant van de Bresserberg stijgend asfalt gespot dat nadere bestudering vraagt. In een soms tegen de 60 kilometer per uur voortrazend peloton, heb ik verder vooral diverse achterwielen van mijn voorgangers gezien. Dat er netjes gereden werd kwam met name tot uitdrukking in de bochten, tijdens de korte regenbui tussendoor en het feit dat er zonder neusophalen werd overgenomen, toen ik het in mijn hoofd had gehaald om aan kop een ontsnapping in spé de nek om te draaien en de stoom uit mijn oren kwam. De koers eindigde in een massasprint op de oplopende spoelwaaier voor de bijna 100 meter hoge Bresserberg.

BEELDEN RUND UMS TONNISSEN CENTER

De Berckt 23 juli

Op de voormalige 800 meter lange Speedway in Baarlo organiseren TWC De Maastrappers en TWC Olympia elke dinsdag- en donderdagavond van begin april tot half september om 19.00 uur wielerwedstrijden over 1 uur en 10 ronden. De inschrijfkosten bedragen 3 euro voor de vaste bezoeker en 4 euro voor de incidentele deelnemer, zoals ik. De temperatuur ligt ook deze avond boven de 30 graden, onweer dreigt. Toch staat een dozijn coureurs klaar om elkaar aan de rekstok te leggen op de brede snelle baan, waar ontsnappen erg lastig blijkt door de wind en het steady maar straffe tempo. Na halverwege de koers met twee teruggepakt te zijn na een redelijke poging, waag ik op 15 ronden van het eind een poging alleen. Na een aantal ronden komen twee coureurs aansluiten, maar op 4 ronden voor het eind komt alles weer bijeen. Als een voormalige vluchtgenoot met nog 2 ronden te gaan wederom de benen neemt, duik ik er later alleen achteraan. Pas op 200 meter voor de streep slaag ik erin zijn achterwiel te bereiken om, met mijn recent weer opgepakte sprint, als eerste de finishlijn te passeren. Sinds ik op water rijd kom ik juist daar vaak nog tekort.

072313 DiCo Maastrappers Baarlo