Nedereindse Berg 15 augustus

Back op de Berg na al het heuvelmeten – @CyclingWebNL Competitie – MYLAPS Sports Timing http://t.co/OnxB1Pokt0— Klim bij Nijmegen (@klimbijnijmegen) 15 augustus 2015

Advertenties

Nedereindse Berg 24 mei

Zonder warme doordeweekse smogdeken kan de temperatuur in het weekend dus nog steeds onder nul. Als een van de weinigen van het twee dozijn sterke A-peloton trek ik dus gewoon beenstukken aan. Geen golven op de Nedereindse Plas, want de wind is compleet absent. Omdat ik de dag ervoor mijn achterwiel gespaakt heb met een nieuwe velg, houd ik rekening met enige offset. Ook weet ik niet zeker of mijn spaakkunsten voldoende zijn om wedstrijdbelasting te weerstaan. Fabriekswielen worden meestal knalstrak en met compleet verkrampte spaken geleverd. Staal is elastisch en volgens mij geeft half aanspannen het meest responsive design, maar dat zal dus vandaag moeten blijken.

Waar in het recente verleden het koerspatroon op de Nedereindse Berg in het weekend gekenmerkt werd door een snel wegrijdende kleine kopgroep gevolgd door een langzaam peloton, lijkt dat tegenwoordig anders. In de A categorie zijn meer aan elkaar gewaagde starters, zodat er op de voormalige vuilstort steeds vaker een afvalkoers gereden wordt. Om de haverklap schieten vooraan renners weg, maar telkens veert het krimpende peloton terug. Met nog twee ronden te rijden verliest een renner de concentratie op het rechte stuk langs de finish en klapt tegen het asfalt. De overgebleven elf coureurs wachten netjes op elkaar om georganiseerd af te sprinten. Met een aanlopend remblok eindig ik als zevende. Wiel geslaagd, nog even finetunen.

Nedereindse Berg 9 mei

Wat mobilegeddon ook precies mogen inhouden. Feit is dat ik recent beschik over een nieuwe fiets, nieuwe laptop, nieuwe GSM telefoon, nieuwe simkaart, nieuwe KNWU basiskaart, nieuw WordPress template en twee kapotte smartphones. Naar Utrecht met de trein betekent dit weekend standaard omreizen via Den Bosch. De OESO heeft in een rapport over (tegenvallende) meeropbrengst van de Nederlandse steden nog maar eens aangegeven dat deze beter met elkaar verbonden dienen te worden. Internationaal zijn de werkelijke intercity verbindingen gewoon ondermaats. Het lijkt me ook niet meer dan terecht dat Schiphol de kosten van falende aanvoer niet mag doorberekenen. De KLM gaat noodgedwongen weer met bussen rijden vanaf Nijmegen, ook al ligt er in theorie een directe treinverbinding met de luchthaven.

Onderweg van Den Bosch naar Utrecht zie ik de bomen steeds schever waaien. Op de Nedereindse Berg, waar de A’s en de B’s apart starten staat de wind pal mee op de klim, zodat je eenvoudig de helling opgeblazen wordt. Met meer dan twee dozijn renners in de hoogste categorie duurt het niet lang voordat de B’s worden gedubbeld. In de lange smalle passage langs het uitgerekte lint laat een aantal renners onverwachts lopen, waardoor de groep in twee stukken breekt. Aan mijn klimvermogen heb ik vandaag niets en omgaan met constante dwarswind zal ik waarschijnlijk nooit leren, aangezien ik niet ben opgegroeid in de nationale nederlanden, maar in de regionale opperlanden. Toch maar achtervolgen dan, omdat het voorste deel van het peloton eigenlijk nauwelijks wegrijdt. Na een tijd meegedraaid te hebben spring ik weg, maar door de harde wind val ik na drie omlopen gewoon stil, waarna ik de finaleronden rustig uitrijd.

Nedereindse Berg 18 & 19 april

Na een flink aantal opeenvolgende regenweekenden en een doordeweekse, niet door het KNMI erkende, orkaan, schijnt de zon als nooit tevoren. Hup, in de trein naar de Nedereindse Berg, waar elke zaterdag om 13.00 uur een koers van start gaat. Zoals gewoon op zaterdagen rijden de A en de B samen. Trainingsmaat Bram kan tactisch aan de slag in de C categorie. Tot drie keer toe doe ik een uitlooppoging om een breuk te forceren, echter zonder resultaat. Bij het oversteken naar de wel ontstane kopgroep, schieten twee renners uit mijn wiel, maar aanpikken is een brug te ver. Het waait behoorlijk en ik ben van plan morgen nogmaals af te reizen naar de Berg. Bram rijdt zijn wedstrijd netjes uit. In de laatste ronden neutraliseer ik enkele aanvallen, om bij de laatste op het steilste stuk van de Berg uit het wiel te schieten, waarna ik als eerste eindig van de achtervolgende groep.

Zondagochtend is het om 8 uur wederom zonnig, maar het zou me niets verbazen als de Groesbeekse heuvels zijn bezocht door vorst aan de grond. Beenstukken aan dus. A en B rijdt apart vandaag, beide zo’n twintig renner sterk. Na de drie vruchteloze aanvallen van gisteren besluit ik nu wel voorin te blijven, maar enkel mee te sluipen met uitbraken, om de beslissende af te wachten, of over te steken. De wind houdt zich bij uitzondering opvallend stil. Tijdens het oversteken naar een kansrijke uitloop van vier renners, passeer ik enkele terugvallers, maar plafonneer als een in mijn wiel meegeslopen renner een professionele jump plaatst bergop. Das pech, kopgroep weg. Na mezelf mee te hebben laten drijven in het peloton, ram ik in de laatste ronde zo hard mogelijk de helling op. Omdat slechts een renner boven uit mijn wiel tevoorschijn komt, kan ik, zonder te hoeven jakkeren, uitrollen naar een zesde plek.

Trainingswedstrijd Limburg 15 maart

Tamelijk guur en heel anders dan vorige week start deze zondag. Met de eerste nationale koersen op de kalender ben ik heel benieuwd naar het deelnemersveld van de eerste van de twee door TWC Noord-Limburg georganiseerde trainingswedstrijden op de Herungerberg. De baan ligt niet helemaal droog. Omdat een klein tiental renners zich heeft ingeschreven, besluit de jury dat de eerste veertig minuten in slagorde afgelegd worden. De wind waait uit een andere hoek dan vorige week. De afwisseling loopt gesmeerd met iedereen een ronde op kop. Het Baarlo-op-woensdag principe, alleen met een hogere snelheid, boven de 40 km/u. De setting lijkt nog het meeste op ronddraaien in een kopgroep. Na een van mijn kopbeurten trekt een van de twee aanwezige duo’s flink door en moet ik alle zeilen bijzetten om de tempowisseling bij te benen. Het spel is op de wagen. Als de snelheid wegvalt plaats ik een uitval en met twee ronden te gaan nog een. Het mag niet baten. In de sprint eindig ik als vierde op de nieuwe Herungerbergerring.

Trainingsrit Oss 8 maart

Het eerste lenteweekend nodigt uit tot een tweede koers. In Oss vandaag de laatste wedstrijd in de voorjaarsserie. Enkel in 2010 ben ik later weer begonnen na de winter. Kwestie van kalm aanpikken. Ook vanochtend ligt het strooizout nog gewoon op straat. De pannenkoeken van vorige week blijken trouwens stroopwafels te zijn, aldus de organisator. Direct na de start barst de koers los. Duidelijk een generale repetitie voor de naderende nationale criteriums. De wind staat dwars op de lange parcourszijde, harken op het kantje dus. Ook het positioneren is van belang. Echt gewrongen wordt er niet, maar met een wedstrijd in de benen vind ik een uur aanklampen wel voldoende. Blijkbaar is de accu nog niet geheel opgeladen na gisteren. Dit had ik ook niet verwacht overigens met een beperkte training. Toch prima weer en dichtbij. Voor de verlichte trainingen in Nijmegen en Groesbeek heb ik beslag weten te leggen op een tweede Van Tuyl cyclocrosser. Deze ben ik op dit moment aan het aanpassen.

Baancompetitie Venlo 7 maart

Het project dat een aantal jaren geleden begon met het opknappen van de oude Speedway De Berckt heeft geleid naar een spiksplinternieuwe 800 meter lange oval op de Herungerberg in Venlo. De volgorde is terecht: eerst wielrenners en wedstrijden, daarna een baan. Hoewel het sportpark en de banen pas half mei officieel geopend worden, kan alvast testen geen kwaad natuurlijk. De zon schijnt en aan het vertrek staat een peloton van veertig renners, klaar voor een uur koers en tien ronden. Typisch aan een oval zijn de lange bochten waar de wind altijd van opzij in je wielen blaast. Het asfalt is loeisnel, nog sneller dan op de Berckt. Hier kan ik mooi uit de voeten op 55×11. Echt wegkomen lijkt me een onmogelijke opgave, maar toch probeer ik het een aantal keren. Het leuke is dat steeds wel enkele renners oversteken, zodat de koers eigenlijk nooit op slot gaat. In de finale kom ik, enigszins lucky, terecht in een kopgroep van negen renners, die definitief afstand weet te nemen van het peloton. Op twee ronden van het einde zie ik de latere winnaar aanzetten, maar kan niet aan zijn achterwiel te geraken. De kopgroep knalt in delen uit elkaar en ik rol alleen als vijfde over de streep.

BEELDEN